Twee woonentiteiten, één geheel
De woning wordt opgedeeld in twee entiteiten met een gemeenschappelijke inkom en voortuin. Deze gedeelde toegang geeft ook toegang tot de kelder, waar onder meer een fietsenberging is voorzien.
De eerste woonentiteit bevindt zich op de onderste bouwlagen en staat in directe relatie met de tuin. De tweede woonentiteit start op de eerste verdieping en ontwikkelt zich over meerdere niveaus via de bestaande trappenhal.
In de onderste woning wordt het hoofdvolume ontdaan van latere toevoegingen om de oorspronkelijke ruimtelijkheid te herstellen. Een nieuwe opening in de achtergevel verbindt de leefruimte met de aanbouw, waar een centrale zone toegang geeft tot bergruimte, toilet, slaapkamer, badkamer en tuin.
De bovenste woning start in een nieuw volume in de aanbouw en richt zich naar de buitenruimte. De leefruimtes bevinden zich op de eerste en tweede verdieping, terwijl de bovenste verdieping plaats biedt aan logeerkamers.